Wordt gewoonlijk door twee spelers gespeeld. Zij staan aan weerszijden van een straat. De basis is dat de een de bal heeft en probeert op de rand van de stoeprand aan de andere kant te gooien. Stuitert of rolt de bal terug naar de gooier, dan scoort de gooier een punt en mag hij nog een keer gooien. Gaat het mis, dan is de ander aan de beurt. Er is veel variatie in de spelregels, bijvoorbeeld:
In de gymzaal is dit spel prima te spelen met gekantelde bankjes.
Pas je op voor het verkeer? Er is nog een variant van stoepranden waarbij je over passerende auto’s heen moet gooien. Dat is geen goed idee.
Dit spel is ook wel bekend als: 'bandkaaien', 'kaaibanden', 'kaaibandje tikken', 'kantgooien', 'kantje butsen', 'kantstoepen', 'keibanden', 'randen', 'randje tik', 'randjebutsen', 'riebeltje gooien', 'stoepballen', 'stoepbonken', 'stoepen', 'stoepiebal', 'stoepieballen', 'stoepiegooi', 'stoepiegooien', 'stoepiestuit', 'stoepiestuiten', 'stoepietik', 'stoepietrap', 'stoepietrappen', 'stoepjebutsen', 'stoepkanten', 'stoeprandertje', 'stoeprandje', 'stoeprandje gooien', 'stoeprandje stuit', 'stoeprandjebal' en 'stoeprandjetik'.